Alles over Sliedrecht...
Afbeelding bij nieuwsitem 'Verdachte moet dankzij afgebeten stuk oorschelp vrezen voor weer een gevangenisstraf'
07jan 2015

Verdachte moet dankzij afgebeten stuk oorschelp vrezen voor weer een gevangenisstraf

SLIEDRECHT / DORDRECHT - Verdachte moet dankzij afgebeten stuk oorschelp vrezen voor weer een gevangenisstraf. De officier van Justitie gaf toe dat er een, zoals zij het noemde, opmerkelijke ommekeer had plaatsgevonden in het leven van de verdachte. Toch zei ze zwaar te tillen aan zijn verleden en nog zwaarder aan het strafbare feit dat hij 29 juli vorig jaar heeft gepleegd. De 38-jarige man uit Dordrecht die gistermiddag in zijn woonplaats moest voorkomen, had ruzie met een man uit Sliedrecht met wie hij bevriend was geweest en bij wie hij in huis had gewoond. De woordenwisseling mondde uit in een vechtpartij en worsteling. De verdachte zei zijn vroegere maat wakker te willen schudden, maar ging te ver door liggend op straat (het incident vond plaats in Sliedrecht) een stuk van zijn oorschelp af te bijten.

De officier tilde niet eens zo zwaar aan  het stompen en slaan. Ze noemde dat een eenvoudige mishandeling en bracht in haar requisitoir naar voren dat over en weer klappen waren uitgedeeld. De beklaagde had zich volgens haar echter bezondigd aan zware mishandeling. ,,Het oor van het slachtoffer heeft flink gebloed. Doordat het afgebeten stuk niet kan worden teruggezet, is een blijvend litteken ontstaan. Het ziet er niet uit.” Vanwege de ernst van het delict kwam ze tot het oordeel dat ze niet anders kan dan het eisen van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van negen maanden. ,,Bij de eis dien ik rekening te houden met de persoonlijke omstandigheden. Als ik kijk naar het strafblad van de verdachte staat daar nogal wat op.  Dat weegt nog meer in zijn nadeel. Het enige voordeel is dat hij stappen heeft gezet om met behulp van de reclassering zijn leven weer op orde te krijgen.” De Dordtenaar, die in Sliedrecht heeft gewoond, werd in 2010 veroordeeld tot een celstraf van drieënhalf jaar vanwege mishandeling, verboden wapen- en munitiebezit en het overtreden van de Opiumwet. Zijn advocate haalde aan dat hij zijn straf volledig heeft uitgezeten. ,,Ondanks het feit dat hij de kans kreeg veertien maanden eerder de gevangenis te verlaten. De voorwaarde voor vervroegde vrijlating was dat hij intensief zou worden begeleid door de reclassering, maar daar stond hij niet voor open. Mijn cliënt had weinig vertrouwen in hulpverleners. Nu is dat totaal anders. In het reclasseringsrapport staat dat hij een gemotiveerde instelling heeft en zijn leven een andere wending wil geven.” In haar pleidooi verzocht ze de rechters (het was een zitting voor de Meervoudige Kamer) hem de kans te geven deze positieve lijn door te trekken door hem geen celstraf op te leggen.
‘Momentopname’
,,Hij is in de fout gegaan, maar zocht het conflict niet op en dat was in het verleden wel het geval”, aldus de raadsvrouw. De verdachte vertelde de rechters  dat hij het verleden achter zich probeert te laten. Hij sloeg zichzelf figuurlijk voor z’n kop. ,,Ik weet niet waarom ik zo dom ben geweest. Ik was ook goed met hem. Eigenlijk wilde ik hem wakker schudden, maar het liep uit de hand.” De ruzie ging volgens hem over een gestolen bedrag van zeventig euro en het feit dat het slachtoffer zijn hond te koop zou hebben gezet. ,,Hij had wel vaker dingetjes gejat en spullen verkocht. Dat ging gewoon te ver. Zijn moeder heeft ook tegen me gezegd dat het eraan zat te komen, dat het goed voor hem was dat hij een lesje zou krijgen.” ,,Dus heeft u hem een lesje gegeven? Was dat uw intentie?”, vroeg één van de rechters, die hem behoorlijk in het nauw bracht. ,,Het slachtoffer verklaart dat u los bent gegaan en spreekt tegen dat hij, zoals u beweert, als eerste heeft geslagen.” ,,Hij maakt er een heel verhaal van terwijl het maar dertig seconden heeft geduurd”, reageerde de verdachte, die toegaf dat hij hem, terwijl ze over straat rolden, in zijn oor heeft gebeten. Specifiek ging hij daar niet op in. ,,Ik weet niet meer precies alles. Daarvoor ging het te snel. Het was een momentopname.” De verdachte vertelde ook dat hij die dag een beetje aangeschoten was en dat hij de man later (voor de arrestatie) heeft gebeld om zijn excuses aan te bieden. Hij kampte met schuldgevoel en zei raar bezig te zijn geweest.
De gerechtelijke uitspraak in deze zaak is over twee weken, op dinsdag 20 januari.
Bron: Erik de Bruin.


Deel dit bericht met je vrienden!